Eeuwige trouw

zondag 17 juli 2011 20u12 | Tim F. Van der Mensbrugghe | reageer
Trefwoorden: , .

De bolletjestrui is in Vlaamse handen. Laat ons drinken!De zonnegod ziet de Vlasmarkt graag. Het mag de hele dag regenen dat het niet meer normaal is, ‘s anderendaags laat hij ‘s ochtends vroeg even zijn stralen op het feestende volk nederschijnen. Waarna de oude wijven wéér met hele busladingen tegelijk uit de hemel beginnen te vallen.

Mijn dag begint niet goed. Wanneer ik wakker word om iets na vier check ik via Facebook wat er de afgelopen uren zoal gebeurd is op de Vlasmarkt. Eén van de jongste posts is van een deugniet die z’n eigen fluit gefotografeerd heeft. Oók een goeiemorgen, makker.

Als ik aan mijn dagelijkse ochtendwandeling richting Vlasmarkt begin, valt het me op dat de hemel wolkeloos is. Dat beurt me op. Vandaag zal ik zon zien – dat mag wel eens.

Om 5.05 uur arriveer ik op de grootste afterparty van Gent. Er is veel meer volk dan gisteren, toen de Feesten al gedaan leken nog voor ze moesten beginnen. Ik word gesommeerd naar de Bar des Amis, een verderfelijke plaats, helemaal aan de andere kant van het plein. Ik ben geen warm mes, en de massa is geen boter, dus loop ik een blokje om om mijn doel vlot te bereiken. In een donker steegje zit een vrouw wild te plassen. Als ze zich weer recht stelt, blinken haar blote billen in het ijle maanlicht. Foto’s van dergelijke fenomenen zul je op Facebook niet snel zien opduiken. Jammer.

Met dergelijks smalle broekspijpen krijgt ge bijkans hoogtevrees als ge naar de tippen van uw schoen kijkt. Koning David heeft zijn baard getrimd voor de Gentse Feesten. Hij staat erop om voornaam voor de dag te komen.

Dankzij m’n gsm vind ik mijn meisje terug, waarna ik m’n gsm verlies. Het meisje kruipt op de tram en ik blijf alleen achter tussen duizenden feestende zatte apen.

Eén van hen is Alexis. “Sinds vandaag ben ik Brusselaar”, zegt hij trots. “Ik ben lang één van de straatstenen van Gent geweest, maar na tien jaar werd het tijd voor een andere stad. Gent heeft me niets meer te bieden.” Niets, behalve Irish coffees, een gemoedelijke massa en tien dagen feest tot het ochtendgloren?

De draak en de maan hangen te drogen in het eerste ochtendgloren. Zolang het donker is valt het niet op, maar dan opeens verschijnt daar de zon en ziet iedereen je vuile voetjes in je vuile pumps.

Ik ontmoet een collega. Hij is dronken en ik ben nuchter. Hij haalt terstond een pint voor me. Ik win zodoende op alle vlakken. “Alles mag en niets kan. Dat is Gent”, zegt één van z’n maten. Mijn collega is te ver heen om die waarheid te appreciëren, maar ik noteer ze in mijn boekje, zodat hij ze in rustiger tijden kan herkauwen.

“Hier op de Vlasmarkt wordt op dit uur nogal aan psychoanalyse gedaan”, analyseert een jongeman terwijl hij aan de toog staat te wachten op z’n pintje. “Op dit moment zijn wij allemáál filosofen.” Onze gifbekers zijn gevuld met een zwart, lichtzoet vocht waar een dot schuim op prijkt.

Een andere jongeman heeft minder talent voor analyse. Met zijn Zwart-Afrikaanse lijf gooit hij zich tegen alleman aan om beschuldigend te wijzen: “You are racist!” Steevast volgt dan oprechte ontkenning: “No, no, not racist. Tolerant!” Als de jongen weer andere slachtoffers gaat beschuldigen, rollen de mensen veelbetekenend met hun ogen. “Vervelende negerlul”, is dan één van de tolerante opmerkingen die je kunt opvangen.

De zon gooit haar eerste stralen op ons gelaat. De dj draait een eind aan zijn set. De dranktentjes gaan dicht. De sfeerbeheerders doen hun ronde: “Gelieve het plein te verlaten. Of we duwen er u straks van.” Het is kwart na acht. Een Russische Gentenaar probeert me wat onsamenhangende nonsens over de zon en het vitaminepeil te verkopen, but I don’t buy it.

Met gele laarsjes zul je de Europese schuldencrisis niet oplossen, maar een beetje optimisme in het straatbeeld mag. Radicaal onhippe schoenen krijgen met de juiste context een episch allure.

Ook Sam, een klasgenoot van, goh, ruim een decennium geleden, voelt het moment opkomen om waarheden te verkondigen. “In een relatie moet je niet alleen alles kúnnen zeggen, je moet alles zéggen. Er mogen geen geheimen zijn”, poneert hij. Ik ga niet akkoord met zijn stelling. Ik koester de littekens op mijn ziel. Die zijn van mij en van mij alleen.

Tiemen, nog zo’n klasgenoot, en ik krijgen een sigaret aangeboden van een echte Gentenaar die ‘Gent’ als ‘Hent’ uitspreekt. Sam krijgt geen sigaret, waarop hij wat pinnig reageert. “Allez, jeannette, ga weg, gaat u ergens anders aftrekken. Dikke mongool.” Zo gaat het nog wel enkele minuten door. Het enige wat Sams slachtoffer daartegenin kan brengen, is dat hij bijkans van zattigheid tegen de straatstenen pletst. Het is geen gelijke woordenstrijd.

Onze kring valt uit elkaar, en ik ontmoet Barbara en Filip. “Ze zijn het hier aan het uitmelken”, schudt zij haar kritische hoofd. “Ze voeren de mensen veel te rap zat.” Ik geef haar gelijk.

Een sfeerbeheerster probeert een man vriendelijk duidelijk te maken dat hij niet langer gewenst is en zijn fiets evenmin. Het afscheid van de Vlasmarkt gebeurt in stijl. Zo keren wij tevreden terug naar huis.

“Wij staan hier dronken te worden op basis van koffie, en dus op de rug van de derde wereld”, knikt Filip stellig. “Ik ben dan wel geen rooie, maar als ik zie tot welke decadentie hun harde werk leidt, voel ik toch wel iets van compassie met de boeren in Afrika en Zuid-Amerika. Maar goed, dit is nu eenmaal hoe het kapitalisme werkt.” Ik geef hem gelijk. Filip neemt het compliment dankbaar in ontvangst. “Mijn doelstelling is om demagoog te worden. Onthou vooral mijn voornaam: ‘Filip’ op zijn Vlaams.”

Pats! Barbara draait zich boos om en kaffert een drinkebroer uit. “Mijn gat is een djembé voor zatlappen geworden”, zegt ze gevat. Nogmaals erken ik dat ze gelijk heeft.

Een sfeerbeheerder probeert ons wanhopig weg te jagen. “Allez, ‘t is tijd om naar huis te gaan. Ga alstublieft weg. Ik wil slapen.” Pretbederver. “Er staan hier meer sfeerbeheerders dan mensen”, probeer ik nog. “Als het Sfeerbeheer collectief het plein verlaat, is het meteen leeg.” Maar de wanhoop in de ogen van de vrijwilligers doet ons toch plooien.

Aan de uitgang van de Vlasmarkt wuift een dame in fleurig kleed de vermoeide mensen uit. “Het is de derde keer dat ik dit draag: op mijn trouw, op mijn scheiding en nu. Met dit kleedje bewijs ik mijn eeuwige trouw aan de Gentse Feesten.”

Het is 9.11 uur. Tijd om naar huis te gaan en een beetje zondagse arbeid te verzetten.

© 2011 GENTBLOGT VZW

Reacties zijn gesloten.