Albert Sugg en de Belle Epoque in Gent: Série 1 (21) Korenmarkt

vrijdag 13 september 2013 8u43 | Arthur De Decker (tekst), Jos Tavernier (beeld) | 12 reacties
Trefwoorden: , , .

Albert Sugg was een handelaar in postkaarten  tijdens La Belle Epoque. Dankzij zijn 363 zichtkaarten Serie 1 weten we zeer nauwkeurig hoe Gent er  uitzag rond 1900. Arthur De Decker vertelt wat hij er over weet en Jos Tavernier neemt foto’s van hoe het er nu uitziet. Uitzonderlijk is deze aflevering aangevuld met enige andere illustraties, te mooi om niet te tonen. Voor de commentaar heb ik deze keer ruim leentjebuur gepeeld bij historicus-journalist Daniël Vanacker in een  artikel in De Gentenaar Magazine van 16/1/1998.

U mag uiteraard altijd aanvullen of verbeteren. De vorige delen zijn raadpleegbaar in de archieven van Gentblogt.

Serie 1 nr. 26 (bis) Korenmarkt

Serie 1 nr. 26 (bis) Korenmarkt

De Suggpostkaartenverzamelaars onder de  lezers weten het wel. Albert Sugg vergiste zich af en toe eens bij de nummering van zijn kaarten. Zo gebruikte hij in zijn serie 1 twee keer het nummer 26 voor twee totaal verschillende zichten. Naast het in vorig deel behandelde zicht op de het Rond Punt gaf hij ook dit nummer aan dit prachtig Korenmarkttafereel. De kaart werd in 1903 verstuurd naar  Mlle Fernande Castelain in Roubaix door “Votre Mére” uit Gent . Let vooral op de verschillende soorten rijtuigen en de accumulatorentram. Rechts zien we ook een publieke postbus.  Het postkantoor Gent-centrum was toen nog gevestigd aan het Koophandelsplein en verhuisde pas in 1910 naar het nieuwe postgebouw op de Korenmarkt, waarover straks iets meer.

Als je door de Kuip loopt, denk je wel eens dat alle panden die geen appartementsgebouw zijn, er al vele eeuwen staan en dat alleen de promotoren uit onze barbaarse tijd meedogenloos de slopershamer hanteren. Dat klopt niet. Neem nu de bovenstaande Korenmarkt. Dit is een van de oudste pleinen van de stad, maar er staan nog weinig gebouwen uit de middeleeuwen.

Oorspronkelijk vormde deze ruimte één geheel met de Graslei, waar de belangrijkste aanlegplaats van het oude Gent te vinden was. De site heette Koornaard , omdat men op die plaats vooral graan aan de (aarden) wal bracht. In de loop der jaren verrezen diverse panden tussen de Leieoever en de Sint-Niklaaskerk. Het ging om stapelhuizen, cafés, hotels en winkels. Zo ontstond geleidelijk een plein, waar diverse belangrijke gebeurtenissen plaatsgrepen, variërend van opstanden tegen al te inhalige vorsten tot terechtstellingen van booswichten. In 1702 noemde een inwoner de Korenmarkt terecht “de publiekste plaats van de stad”.

De Korenmarkt was al in de Middeleeuwen een belangrijk verkeersknooppunt omdat hij de standplaats was van de diligences die dagelijks naar diverse steden trokken. De markt behield in de moderne tijd die centrale plaats. Vanaf 1838 vond men er de dienst van huurkoetsen, de voorlopers van de taxi. Later maakte de trammaatschappij er het middelpunt van zijn lijnen van.

26 bis Korenmarkt (2)

Wie herinnert zich de Korenmarkt zo? Met vierkanten kiosk en zonder tramrails!?

Na de Tweede Wereldoorlog vernielde een brand een aantal panden aan de noordkant van het plein. Hier was de Sarma gevestigd en deze warenhuisketen trok er eind jaren 50 een nieuw winkelcomplex op met aan de buitenkant historiserende gevels.

26 bis Korenmarkt.1

Op deze actuele foto van Jos Tavernier zien we de Korenmarkt na de Kobrawerken. Let vooral op de palmbomen rechts!

Over de “Groene Korenmarkt” schreef de stadsredacteur Karel Van Keymeulen op 7 september 2013 in  De Gentenaar:

We vergeten  het vlug, maar de Korenmarkt was vroeger een schreeuwerig en onoverzichtelijk allegaartje. De ontwerpers van de ‘nieuwe’ Korenmarkt  -Paul Robbrecht (°1950), Hilde Daem (°1950) en Marie José Van Hee (°1950), dezelfde als van de stadshal – kozen voor een sober en indringend plein. De aanleg was een parcours met zware hindernissen. Er lopen nog altijd gerechtszaken over de perikelen met de tramsporen… Zodra het plein af was kwam de eerste kritiek. Een stenen woestijn. Kon er echt geen toefje groen af? De horecamensen aan een kant van het plein besloten dan maar 3 meter hoge palmboompjes in plantenbakken te plaatsen. Al ogen ze wat armtierig en misplaatst. Intussen zwelt de kritiek op het gebrek aan groen en kleur weer aan. Diverse politici mengden zich al in het debat en zelfs Groen eist nu meer groen op de Korenmarkt… Het plein is nog niet klaar. Nog twee kunstwerken van ongeveer 20 meter hoog moeten verrijzen op betonnen sokkels op het plein… en ze zouden in 2014 moeten klaar zijn. De ontwerpers wilden met hun plein de stenen laten spreken en de omringende gevels en de schoonheid van de Sint-Niklaaskerk benadrukken. In de herfst en de winter, als de terrassen verdwenen zijn en het stenenplein zijn weidsheid terugvindt, oogt dat plein groots… In de zomer oogt het plein minder geslaagd. Dan is het een mix tussen een terrassenplein en een blakerende vlakte. Geen mens is tegen groen en bomen. Vraag is of aan het ontwerp mag worden geraakt? Light-groen , met struiken of plantenbakken, lijkt geen goede oplossing… Laten we even wachten tot de kunstwerken er staan en het plein af is.

Aan deze oproep om even te wachten had N-VA gemeenteraadslid Guido Meersschaut blijkbaar geen boodschap. Hij lanceerde recent de idee om sponsors te zoeken voor bomen, bankjes, een fontein en een petanquebaan om de Korenmarkt zo aangenamer te maken zonder dat het de stad een cent moet kosten.

Uiterst links op de foto zien we het huis “Waepen van Zeeland”. Het heette voor de 18de eeuw “Den Grooten steen” of “Polmaes steen” en werd in 1702 verbouwd in Lodewijk XIV-stijl. Dit huis  werd toen een cijnsplichtige “borse ofte vergaerderplaatse van de cooplieden ende negotianten”. “Vrij huys vrij erve” staat op de fries vermeld, een gewoonte uit de late middeleeuwen die aanduidde dat een leenman van buiten de stad daar even wettig als in zijn eigen rechtsgebied zijn functie kon uitoefenen. Deze “hostelrye” heeft muurpijlers met Korinthische kapitelen en wordt bekroond door een  sierlijk achtkantig torentje met een windwijzer. Het achterhuis ( het “Eerste Korenmetershuis”) is aan de Graslei gelegen en heeft een Tudorvormige poort. Na de tweede wereldoorlog was het enige tijd het lokaal van de Gentse KP. Daarna werd het achtereenvolgens een meubelzaak en een verzekeringsmaatschappij. Het werd in 1959 beschermd als monument. Naast de Sint-Niklaaskerk (1936) en het Postgebouw (1999) is dit, in zo ver ik weet, het enige beschermde monument op de Korenmarkt. Uiteindelijk werd het door Parisbas aangekocht en in 1980 volledig gerestaureerd door de architecten R. Waeri en J. Gabriëls.

340 Korenmarkt oud

Op de Korenmarkt was jarenlang de stadsgevangenis alias het Chastelet gevestigd . De behandeling van de gevangenen liep sterk uiteen. Sommige kostgangers werden geketend, anderen mochten aan de getraliede ramen zitten en van  de voorbijgangers voedsel en aalmoezen in ontvangst nemen. Voor het gebouw stond een galg, waaraan vooral niet-Gentenaars bengelden (de autochtonen hadden het voorrecht op de Vrijdagmarkt opgeknoopt te worden). Het Chastelet moest in 1716 wijken voor het Pakhuis, zoals te zien op bovenstaande foto een groot complex dat niet alleen als opslagplaats voor de haven aan de Graslei fungeerde, maar ook als hoofdkantoor van de stedelijke tol dienst deed. Van de gerechtelijke functie bleef na de sloping van het Chastelet een luguber aspect behouden. Voortvluchtige terdoodveroordeelden bracht men er symbolisch om het leven door een bundel stro of een houten pop op te hangen. Tot na de Eerste Wereldoorlog prikte men er de uitgesproken doodvonnissen aan een schandpaal.

Op het einde van de vorige eeuw gingen het Pakhuis en de aanpalende panden tegen de grond. De leeuw die het Pakhuis bekroonde (zie foto) waakt nu over de vijver van het Citadelpark, een siervaas prijkt op het Sint-Pietersplein. Het stadsbestuur wilde er een schouwburg voor Nederlands toneel bouwen. Toen de aannemer klaar was met de funderingen, veranderde de overheid van mening. De schouwburg kreeg een plaats op het nieuwe Sint-Baafsplein. Op de Korenmarkt kwam een nieuw postgebouw, in de typische combinatie van neostijlen die rond de 1900 furore maakte, zoals te zien op de volgende Suggkaart die de situatie weergeeft ca. 1910.

Serie 1 nr. 340 Post (L. Cloquet en St. Mortier 1905)

Serie 1 nr. 340 Post (L. Cloquet en St. Mortier 1905)

Het Postgebouw, naar het ontwerp van Louis Cloquet (1849-1920) in samenwerking met Stephane Mortier (1857-1934), werd tussen 1898 en 1909 gebouwd op de plaats van een aantal  oude huizen en het voornoemde Pakhuis. Het is opgetrokken in eclectische stijl met overwegend neogotische en neorenaissance-invloeden.

De gevel is overvloedig versierd met beelden en wapenschilden. Naast beelden die België, Vlaanderen, Wallonië en de 9 provincies voorstellen, zijn de beeltenissen van 23 toenmalige Europese staatshoofden in de gevel verwerkt. Boven de hoofdingang aan de Korenmarkt zijn de Belgische vorsten voorgesteld. In de rechtervleugel langs de Korenmarkt staan 5 beelden; ze symboliseren de 5 werelddelen en werden gekapt door beeldhouwer Geo Verbanck (1881-1961).

Naast het nieuwe posthotel trok de overheid een brede straat en bouwde ze de monumentale Sint-Michielsbrug om het zicht op Gras- en Korenlei vanuit de hoogte te laten bewonderen.

340 postplaza jos

Na een ononderbroken periode verblijf van ca. 65 jaar werd de postdirectie in  1975 overgebracht naar het postgebouw Gent X (voordien Gent 1 Korenmarkt) aan het Sint-Pietersstation.

In 1998 werd het posthotel verkocht door de Regie der Posterijen. Nu is er op het gelijkvloers een winkelcentrum Post Plaza met daarboven appartementen.

Dat winkelcentrum ziet er nu wel verlaten uit.

© 2013 GENTBLOGT VZW

12 reacties »

  1. Reactie van Bjorn

    Alweer de moeite. Slechts één kleine opmerking: je vergist je van eeuw in de zin “Op het einde van de vorige eeuw gingen het Pakhuis en de aanpalende panden tegen de grond.” …

    • Reactie van jos tavernier

      ik vermoed dat we het nog moeten gewoon worden dat we nu in de 21 ste eeuw leven, het is duidelijk dat Arthur hier eind 1800 bedoelde, zijnde de negentiende eeuw.

    • Reactie van BartVG

      Misschien overgenomen uit het oorspronkelijke artikel waarvan sprake in de inleiding (dat dateert uit 1998).

  2. Reactie van Jan

    Zeer interessant!
    Kan men er met een redelijke zekerheid van uit gaan dat de foto van het postgebouw van 1905 is?
    Ik probeer te achterhalen in welk jaar de beelden van Geo Verbanck (de 5 werelddelen) geplaatst zijn.
    Op de oude postkaart is het moeilijk te zien of bv de beelden van de staatshoofden reeds geplaatst zijn. Hebt U toevallig nog een ander zicht op het postgebouw dat dateert van die tijd?
    Met dank.

  3. Reactie van Frans

    Bestaan die appartementen boven Post Plaza wel, of is het bij plannen gebleven?

    • Reactie van BartVG

      Zou anders wel een mooie lokatie zijn om te wonen (maar eerst nog wat sparen).

  4. Reactie van jos tavernier

    Ook Oscar Sinia, werkte mee aan de versiering van het Postgebouw.
    Van deze beeldhouwer kan je nu zelfs een mooie tentoonstelling zien in de St Michielskerk.

    • Reactie van Jan

      Jos,

      hierbij een overzicht van de beeldhouwers die meegewerkt hebben aan het Postgebouw met hun respectievelijke beelden:

      In de gevels van het Postgebouw prijken 19 beelden. In de rechtervleugel langs de Korenmarkt staan 5 beelden; ze symboliseren de 5 werelddelen en werden gekapt door beeldhouwer Geo Verbanck. Het middenrisaliet bezit 12 beelden: de bovenste drie werden gekapt door Aloïs De Beule. Deze drie vrouwen symboliseren België, met de Gentse leeuw en een koninklijke kroon, Vlaanderen met de textielindustrie, Wallonië met de metaalnijverheid en mijnontginning. De volgende negen beelden symboliseren de 9 provincies met hun attributen; deze beelden werden gekapt door Remi Rooms.
      Het Afrikaanse meisje langs de Pakhuisstraat en de Engel met de zonnewijzer op de hoek naar de Leie zijn van beeldhouwer Oscar Sinia.

      Bron: VANVLASSELAER ANDREAS, Restauratie van het Postgebouw Gent, Ministerie van Openbare Werken – Regie der Gebouwen, 1981, blz 27

  5. Reactie van Roland

    Heeft er nog iemand een foto van de Korenmarkt met de bomen en de zithoekjes? Was hoegenaamd niet slecht!

  6. Reactie van jos tavernier

    Jan,
    Als aanvulling kan ik verwijzen naar de reeks beelden ( hoofden) van toendertijd regerende vorsten voor 1914) op de voorzijde.
    Het zijn er in totaal 24, met dien verstande dat er één beeld is dat niet in het rijtje thuishoort ; dat van de verpleegster Florence Nightingale ( 1820-1910) als enige vrouw in het gezelschap.
    Bron; Ghendtsche Tydinghen 1993 nr 3 blz 172

  7. Reactie van Jean Marie De Wulf

    Natuurlijk herinneren wij ons de “Koornmarkt” zoals op die postkaart.
    Opmerkingen: de werkelijkheid werd hier mooi verdoezeld: in die tijd waren er natuurlijk al tramsporen en luchtleidingen, maar die werden uitgeveegd. De kiosk was een houten mobiele constructie, vermoedelijk voor de Gentse feesten. Wie herinnert zich nog de lokale activiteiten van toen: op vrijdagmiddag bij de cafés op de zuidoosten zijde: de graanbeurs, met de tal van “negocianten” op het trottoir. Aan de overzijde vonden de zaterdagmorgen droevige verkopen van de inboedels van aangeslagen huisgerei plaats. Vandaar het gezegde ” ge goat nog op de Kuuremaorkt geroake”

  8. Reactie van jos tavernier

    ja Jean Marie, als je al wat ouder bent, is het toch nog een voordeel dat je nog een ander van vroeger weet – dus hoe minder je er van weet …..