Achter de hoofdbibliotheek, in het Zuidpark, kunnen ouders met hun kroost al verschillende jaren terecht voor een namiddagje vertier en plezier. In de beginjaren bestond dat plezier vooral uit springkastelen, maar dat aanbod werd sterk uitgebreid. De springkastelen zijn er nog steeds, maar er valt veel meer te beleven. De vzw IdeeFiks staat mee in voor die invulling en voor het in goede banen leiden van de animatie.
Vorig jaar liet dochterlief mij ettelijke papieren bloemen maken in de knutseltent, bloemen die tijdens de paasvakantie aan zee – wat lijkt dat mooie weer al een eeuwigheid geleden trouwens – heel vlot van de hand gingen. Vol enthousiasme trokken we dus opnieuw richting Zuid om te kijken wat er dit jaar op het programma stond. De regenvlagen die Gent de laatste dagen al teisterden, gaven het park een ietwat triestige aanblik: alles leek er nog een beetje leegjes bij te liggen. Er waren wel ouders en kinderen aanwezig maar niet de grote aantallen die we er vorig jaar konden tellen. Aan de springkastelen – minder trouwens dan vorig jaar – nu geen wachtrijen, in de kleurtuin liepen enkele kindjes rond die allemaal veilig een plekje onder de tent hadden gezoch voor het geval dat nodig zou blijken, de act op het podium kon nog op het meeste bijval rekenen. Lees verder…
Ha! Eindelijk wat beter weer, en dat doet het humeur toch ook goed. Maar voor de zekerheid pakten we toch onze regencapes in, want je zal het altijd zien: op het moment dat je die vergeet, zal het weer beginnen gieten.
Het ging richting Provinciehuis vandaag, want ook de provincie stelt dit jaar haar deuren open voor het Puppetbuskersfestival. De eerste gasten waren de Chu Lou Shan Puppettheater Troupe (TW) uit het verre Taiwan met “The Formosa Puppet Feast”.
De show is een perfecte mengeling van traditioneel en modern handpoppenspel. Of beter: poppen van de eerste en tweede generatie. De poppen van de eerste generatie zijn al een paar honderd jaar oud en redelijk klein. De poppen van de tweede generatie zijn iets groter, want de poppenspelers beseften dat, bij zo’n kleine poppen het moeilijk was voor het publiek om hun gezichten te zien. Vandaar de iets grotere versie later. Lees verder…
Vandaag stond op ons programma als bestemming: De Zuid. We gingen tickets bestellen in de Capitole voor later deze week en een kijkje nemen in het Zuidpark. In de programmabrochure van het Puppetbuskerfestival had ik echter ook een nieuwe locatie gespot vlakbij, nl. het Shopping Center Zuid. Daar is elke dag een voorstelling ingepland om 15u. Ideaal dus om toe te voegen aan ons schema.
Aan de ingang van het shoppingcenter hangt een groot spandoek dat de dagelijkse voorstellingen aankondigt, ideaal dus om ook de toevallige voorbijganger of de reguliere shoppers hier van dit evenement op de hoogte te brengen zonder dat ze programmaboekjes of websites moeten uitpluizen. Een beetje voor 15u installeren we ons beneden in de open ruimte waar een klein podium staat met ook daar de aankondiging van de specifieke optredens op een bord en wachten geduldig. Het was al even voorbij 15u wanneer een vriendelijke bewaker (?) van het shoppingcenter ons komt melden dat het optreden boven doorgaat, op de gelijkvloerse verdieping.
Wij dus snel terug naar boven waar we inderdaad aan de hoofdingang een troepje mensen zien samenscholen rondom ‘iets wat een echte clochard lijkt.
Bij het publiek vertwijfeling alom: Wat doet die mens hier met zijn winkelkarretje vol rommel? Waarom cirkelen daar in ‘s hemelsnaam fotografen rond? Waarom zijn er mensen die lachen? Is dit een optreden? Is dit misschien verborgen camera? Is dit wel een echte mens? Is dit wel een echte baard? Tuurlijk wel! Bijlange niet! Echt wel! Maar neen, ‘t is een machine! Neen, dat kan niet waar zijn! Maar toch, kijk, zijn ene voet komt niet op de grond! … en zo gaat het maar door, de hele tijd, want telkens komen er weer nieuwe mensen het shoppingcenter in of uit.
De vijfjarige in ons gezelschap was niet meteen enthousiast over de act, zij had zich duidelijk iets anders voorgesteld. Ikzelf vond eigenlijk het publiek de mooiste attractie van deze voorstelling. Het zou heerlijk verborgen cameramateriaal geweest zijn, daarvan ben ik overtuigd. Lees verder…
De Toren van Babel aan de Bargiekaai (het stukje tussen de Elyseese Velden en de Phoenixbrug) is dan ideaal: je kan er nog vrij vlot parkeren, en het programma van Uitgezonderd, het theatergezelschap dat het charmante zaaltje heeft ingepalmd, is perfect voor jonge kinderen.
Het eerste weekend is voorbij. De eerste tekenen van tunnelvisie duiken op. Die enkele uren op de Vlasmarkt worden je enige echte realiteit. De rest van de dag breng je door in een wakende droomtoestand.
Het opstaan valt me weer wat zwaarder. De vermoeidheid is onder mijn vel gekropen. Nochtans dacht ik met vijf in plaats van vier uur slaap iets frisser voor de dag te zullen komen.
“Ik denk dat hij bijna voorbij is”, fluistert m’n meisje als ik vraag hoe het met haar kater van gisteren gesteld is. Het is nog maar kwart na vier, ze heeft nog flink wat tijd om de resterende mottigheid weg te slapen.
Vlak bij de Vlasmarkt stap ik een nachtwinkel binnen. Ik ben dan wel gestopt met roken, dat betekent niet dat ik geen sigaretten meer nodig heb. De rekken met drank zijn afgedekt met doeken, zoals het hoort. Een tiental flesjes rum staat echter open en bloot de aandacht te trekken. Ze gaan illegaal, maar vlot over de toonbank.
Tegen dat ik op het plein sta, is het 5u18. Er is minder volk dan gisteren op hetzelfde uur. Een stevige wind en zware wolkenhemel beleven klimatologisch onheil.
Ik kom Kevin en Jouri tegen, al is het pas vele uren later dat ik die laatste zijn naam te horen krijg. “Montesquieu heeft gezegd: ‘Rouw hoort niet bij de dood, maar bij de geboorte.’ Hij had gelijk. Life is a fucking joke“, stelt Jouri. Hij maakt een weids gebaar, als een Romeins veldheer die zijn troepen overschouwt. “Zie ons hier staan, terwijl overal ter wereld de dutskes liggen te sterven.”
Gedurende enkele seconden fronsen we serieus de wenkbrauwen en proberen we empathie te voelen voor het onpeilbare leed dat de aardbol dagelijks overspoelt. Lang houden we de pose niet vol en na een minuut staan we alweer te schaterlachen met God-weet-dat-ik-niet-meer-weet-wat.
Het begint voorwaar te regenen en de wind die reeds de hele tijd woei, doet de lijven nog meer verkleumen. Toch blijft het volk vrolijk voortdansen op de feestmuziek, ondanks de flard ‘De Rode Duivels gaan naar Spanje‘ die er om de haverklap tussen gezwierd wordt. Lees verder…
De 10de editie van Gent Jazz zit er op. Het werd misschien niet de feestelijke editie die ze zelf graag gehad hadden, met het weer een domper op de feestvreugde. Het doet vreemd als op zondag al een deel van het terrein is afgesloten en ze aan het opruimen zijn. Maar muzikaal werd het een prachtavond. En omdat er soms ook wel eens iets kan tegenvallen bij de Gentblogt-vrijwilligers doen we het met twee. Patricia had de moed om na de zoveelste regenbui toch te komen opdagen voor het begin, en Bram nam over voor het laatste optreden.
Uit ervaring wist Bruno dat ze bij Backback, de opener van de laatste avond, niet om een spatje regen verlegen zitten. In tegenstelling tot het publiek, zou je wel kunnen zeggen. De late zondagnamiddag kan vroeg zijn, zeker als de hemelssluizen al een paar keer geopend werden. Maar geloof het of niet, Backback deed de zon schijnen. Ze speelden een strakke set en maakten er weinig woorden aan vuil. Voor mij was het trio van drum, gitaar en bas een ontdekking. Niet meteen een klassieke opstelling, maar het klonk melodieus en voeten op de grond. Al liet de scheut Italiaanse poëzie die drumer Giovanni Barcella debiteerde je toch even wegdromen. Ze sloten af met het bijzonder gesmaakte speed.
Het is quasi onmogelijk om een label op Red Snapper te plakken. Ze zijn sinds 1993 bezig, weliswaar met een pauze, als instrumentale band. Hun recente album Key omschrijven ze als: “The album is a nod to all things Red Snapper, afro rockabilly to dub jazz via pounding bop hop, a soulful and raw mix of passionate music.†Rauw en passioneel zijn ook de woorden die dit optreden het beste beschrijven. Super!
Morcheeba kwam in de originele bezetting naar Gent Jazz. Skye Edwards geeft de muziek net dat tikkeltje meer. Nummers als The sea en friction zorgden voor een herkenbaarheid. Maar het was duidelijk dat het publiek nog ergens op wachtte. En laten we het niet over die sigaret van de frontman hebben, er werd ondanks het rookverbod in de tent ook wel eens eentje opgestoken.
Regen of geen regen, de fans waren komen opdagen, daar op het Sint-Baafsplein. Onze fotograaf was op pad en zag dat het goed was.
Stef Bos voelde zich als een vis in het water op het podium. Hij bracht een mengeling van oude hits en nieuwere songs. Papa werd luidkeels meegezongen. Hij deelde anekdotes en gaf wat tips zoals het verschil tussen poepen in Vlaanderen en Nederland. Tijdens zijn studies in Studio Herman Teirlinck moest ie poepen en vroeg hij waar hij kon poepen. Die dag belandde hij ergens in de Antwerpse hoerenbuurt.
Een mens, zelfs Stef Bos zou van minder onder de indruk zijn. Hij genoot zichtbaar van het publiek en van het uitzicht op ‘t plein en ‘t Belfort. Lees verder…
Het is een klassieker van formaat: bal 1900. Zondagavond werd de Kouter weer omgetoverd tot een feest volledig in de stijl van begin vorige eeuw. Aan de ene kant de rijke burgerij, aan de andere kant de arbeiders die voor hen werkten.
Dankzij tientallen dansverenigingen komt het vroegere Kloefkesbal opnieuw tot leven. We laten de foto’s van Arnold voor zich spreken.
Het kan snel gaan, het ene jaar een jonge wolvin, het volgende jaar al op Sint-Jacobs op de openingsavond.
Jonge Wolven? Ja, dit is een concept van AVS waarbij jonge muzikanten/groepen uit Vlaanderen worden uitgedaagd om hun creaties voor te stellen aan het publiek en een professionele jury om zo mee te dingen naar de eerste prijs. De optredens in de Spiegeltent gaan elke avond van 16 t.e.m. 26 juli door tussen 21 u en 23u. Echte koukleumen stemmen af op de regionale zender. De winnaars worden bekendgemaakt op 26 juli en mogen dan een bisconcert afwerken! Dit jaar is men reeds aan de 7de editie toe en opnieuw wordt de nadruk gelegd op de (singer)-songwriter.
Vanmiddag moest ik voor mijn eerste voorstelling om 14.30 u. in de Trommelstraat zijn. We waren al half doorweekt, ondanks de paraplu, want toen we thuis vertrokken, begon het net weer te plenzen. En De Lijn brengt je dan wel naar de Feesten, maar je moet over het nodige geduld beschikken. Een kleine twintig minuten hebben we op de bus gewacht: een kleine tien minuten omdat de ervaring al lang geleerd heeft dat hij doorgaans toch wel vijf minuten te vroeg is, en tien minuten omdat hij uitgerekend vandaag tien minuten te laat was. Ik vraag me soms af waarom er eigenlijk nog dienstroosters uithangen. Maar soit, het gaat hier over iets anders.
In de Trommelstraat was een grote cirkel op de grond getekend, met daarin enkele figuren en prehistorisch geïnspireerde voorwerpen. Onder begeleiding van etnisch klinkende muziek, krijgen we het begin van het mensdom te zien: het rechtop lopen en de ontdekking van vuur. Le Cercle van het Franse gezelschap Cie Spirale is een korte, allegorische voorstelling die vertelt dat de moderne mens in een kring verbonden is met onze voorouders en 40.000 jaar geschiedenis der mensheid. Onze planeet is een gift en wij moeten er alles aan doen om er zorg voor te dragen en te behouden voor de toekomstige generaties. Lees verder…
Naar eigen zeggen brengt Biezebaaze “StropRock” van de bovenste plank. Ze hebben daar ook een deftige uitleg bij: “De teksten in het Algemeen Beschaafd Gents gaan over het “dagelijkse” leven met soms pikante woordkeuze. Een gemiddelde “Strop” of Gentenaar is recht voor de raap.” Naar eigen zeggen houden ze ook een winterslaap maar wie er bij was op het Sint-Baafsplein heeft wel al nieuwe nummers gehoord, tijd voor de zomer?
Het was even droog toen we de stad introkken, maar de regencapes hadden we sowieso mee: geen risico’s was het motto. We hadden eerst nog een stop binnen, maar daarna ging het richting Kalandeberg om naar La Galère van Cie Ouf c’est Oups (FR) te gaan kijken.
Een straat, een kampement van daklozen, een oude sjacheraar vooral gekend voor de liters bier die hij drinkt, een pianist verslaafd aan gokspelen, en Ouf, een gekke marionet die bedelt en schooit en die altijd wel met een of ander idee voor de pinnen komt om het een en ander te bietsen. Ze waren stuk voor stuk grote personages maar nu leven ze op straat waar het ieder voor zich is en de groep voor iedereen. Gelukkig is Ouf daar die hen opnieuw leert wat vreugde is, die hen leert lachen en die hen hoop geeft om uit deze sombere wereld te kunnen ontsnappen… Lees verder…
Net zoals de afgelopen jaren kan je met je kinderen even op rust komen op de zolder van de Capitole, net buiten het feestgeroes. Theater TOK maakt theaterproductie voor kleuters van 4 tot 104 en ik herinnerde mij dat de kinderen dat twee jaar geleden heel leuk vonden. Gisteren toog ik er dan nogmaals heen met de kinderen. En het feit dat de voorstelling binnen was, en niet op straat, was een leuk extraatje in dit wispelturige weer.
Titiana is weer van de partij en deze keer gaat het over de dagen van het jaar, of eerder: Waarom bestaan er zoveel saaie dagen? Waarom is het niet elke dag Nieuwjaar? Of secretaressedag? Of verjaardag? Wie heeft de dagen eigenlijk uitgevonden?
Dit is wat ik zo leuk vind aan de Gentse Feesten: dat je naast het officiële programma telkens weer onbekende en onverwachte dingen kan ontdekken en soms zitten daar echte pareltjes tussen. Ze liggen zomaar voor het grijpen, soms ‘open en bloot’, soms meer verborgen, op een plek waar je het niet meteen verwacht.
Tussen de vele aankondigingen en persberichten stak vorige week een berichtje in mijn mailbox van Les femmes d’A faire. ‘Les femmes d’A faire’ is een jong en dynamisch muzikaal duo dat werd opgericht in september 2010. Het duo bestaat uit twee vrouwen (hoe kan dit ook anders?): Mieke Van Uytvanck en Daisy Varewyck. Beide zijn het vouwen die weten van aanpakken en ook kennis van zaken hebben. Vandaar de à faire in de naam ‘les femmes d’A faire’. Â
De regenvlagen hadden de rest van mijn gezelschap alweer naar huis gedreven maar voorzien van regenjas en paraplu ging ik toch op zoek naar de Schepenhuisstraat, een zijstraat van de Hoogpoort, vlakbij het stadhuis. Lees verder…
Wij waren eigenlijk al blij dat er überhaupt een voorstelling plaats vond. Het gehele Jeugdcirusfestival vindt plaats in de open lucht van het Baudelopark en daar is geen tentje voor het publiek te bespeuren. De planken vloer die moet dienen als podium voor de artiesten leek ons bij regenvlagen als deze spekglad te zijn. Maar de mensen van het Jeugdcircusfestival zijn taai. Ze willen tot het uiterste gaan om de voorstellingen door te laten gaan. De planken vloer wordt indien nodig manueel droog gewreven en desnoods gaan de voorstellingen wat later door, maar van aflassen, daar willen ze niet van weten.
Als ik aan mijn dagelijkse ochtendwandeling richting Vlasmarkt begin, valt het me op dat de hemel wolkeloos is. Dat beurt me op. Vandaag zal ik zon zien – dat mag wel eens.
Om 5.05 uur arriveer ik op de grootste afterparty van Gent. Er is veel meer volk dan gisteren, toen de Feesten al gedaan leken nog voor ze moesten beginnen. Ik word gesommeerd naar de Bar des Amis, een verderfelijke plaats, helemaal aan de andere kant van het plein. Ik ben geen warm mes, en de massa is geen boter, dus loop ik een blokje om om mijn doel vlot te bereiken. In een donker steegje zit een vrouw wild te plassen. Als ze zich weer recht stelt, blinken haar blote billen in het ijle maanlicht. Foto’s van dergelijke fenomenen zul je op Facebook niet snel zien opduiken. Jammer.
Helden, dat zijn onze fotografen. Onvermoeibaar, en gewapend met lieslaarzen en hun vissershoed de weergoden trotserend, gewoon om te zorgen dat u toch nog een snuifje Gentse Feesten krijgt te zien. Het optreden van Walter De Buck, bijvoorbeeld, gisterenavond Bij Sint Jacobs, dat mag hier op Gentblogt zeker niet ontbreken. Want haal een echte Gentenaar van ‘t straat, en hij kan u ‘t Vliegerke feilloos meezingen. En Walter heeft natuurlijk nog altijd de Gentse Feesten mee gesticht, dus eeuwig respect is hier op zijn plaats.
Wij hebben een Gentblogt-twitter, wist u dat? U kunt ons volgen en het hele jaar door worden er leutige nieuwsitems gepost. Maar nu zijn we in vakantie, met die Gentblogt-twitter, want wat nog leuker is: wij hebben jaren geleden ook al de account gentsefeesten geregistreerd. Voor er sprake was van een twitterhype. Voor iemand anders op het idee kwam. Soms zijn wij zo vinger aan de pols dat we een beetje schrik krijgen van ons eigen.
Twitter, dat is handig. U kunt ons volgen, wij kunnen u volgen. Bijvoorbeeld wat u te zeggen had over Johan Verminnen gisterenavond.
Veel regen dus, maar wel een fijn optreden. Verminnen stond op het Groot Podium Bij Sint-Jacobs, en kwam daar enthousiast zijn 60ste verjaardag vieren. Op zijn eerste album uit 1970 staat het nummer ‘Niemand houdt van mij’. Dat was toen misschien zo, maar dat is nu duidelijk anders: u houdt van hem, weer of geen weer. Lees verder…
Het concept achter Nouvelle Vague is even simpel als geniaal: ze strippen punk en new wave klassiekers uit de jaren ’70 en ’80 en maken er bossa nova versies van. Tegenwoordig zijn ook Franse klassiekers niet meer veilig. Verder dan dat reikte mijn kennis tot voor gisteravond niet. Echt lang hadden ze niet nodig om me te overtuigen, bij het tweede nummer Masters and servants was het prijs. Twee mooie dames die het nummer in een ietwat ondeugende versie brengen met een knipoog door het telkenmale salueren bij het zingen van de titel. De tent die op dat moment nog aan het vollopen was werd duidelijk geprikkeld en met een vingerknippende intro op dancing with myself gingen ze een versnelling hoger. How does it feelBlue Monday van New Order klonk dan weer erg verleidelijk. Het is duidelijk een formule die werkt, eigenlijk vergeet je soms gewoon het origineel en dat is altijd een goed teken als je het mij vraagt.
Ik weet niet wat de dames genomen hebben, maar ik wil ook, het werkte bijzonder aanstekelijk. Een mens zou van minder de regen vergeten. Ze brachten een goed gevulde en gevarieerde set. Ze switchten van decennium, genre en sfeer dat het soms wat onevenwichtig werd. Maar ze kwamen steeds wel op hun pootjes terecht. Punk gevolgd door zwoele rokerige sfeer van een jazz club, zomerse bossa nova of toch maar rock. Vooral de Franse liedjes zoals Amoureux solitaires klonken wat minder gekend in het oor, maar met een klassieker als putain, putain zet je de tent dan weer wel op zijn kop. Net zoals de regels voor een goede dronkaard, en voor de geïnteresseerden geef ik ze hier eens mee: 1) nooit zo dronken worden dat je niet meer kan drinken, altijd een goed tempo bewaren, 2) nooit zo dronken worden dat je iemands telefoonnummer niet meer in je gsm kan steken en 3) nooit zo dronken worden dat Too Drunk to fuck van de Dead Kennedys over jou gaat. Het publiek lustte het wel en zij hadden er zin in. Love will tear us apart was dan ook een mooie afsluiter van deze set.
Het MiramirO festival begint officieel pas volgende donderdag, maar hier en daar is het eigenlijk toch al begonnen. Zo kon je vandaag in de stoet immers al De Stille Fanfare (NL) zien, oftewel ‘Het korps dat van toeten noch blazen weet’. Ze waren er in vol ornaat, in mooie kostuums en voorzien van diverse instrumenten en zo marcheerde De Stille Fanfare voorbij, zonder ook maar een noot te spelen.
Mijn zoon had niet gezien dat het om De Stille Fanfare ging en vroeg mij waarom ze niet op hun instrumenten speelden … Het enige geluid kwam van het ritmische geluid van de voetstappen der fanfareleden die met vaste tred geleid werden door de Markies-Generaal als maître-tambour. Een eenmalig optreden dat ze met verve gegeven hebben. Lees verder…
Een goed gesmeerde retrofuturistische feestmachine zorgt voor amusement aan de lopende band: kinderrobots, drinken tegen BV’s, Digital Jesus… De computer denkt voor u, maar uw inbreng is nodig! Lees verder…
De feesten zijn eindelijk weer gestart, en uiteraard waren wij ook bij de officiële opening ervan: de stoet. Het weer beloofde niet veel goeds, dus goed beschermd door regenjassen (en veel minder goed beschermd door een kapotte paraplu) begaven we ons naar ons vaste plekje, zijnde waar de stoet aanvangt, om te zien wat de feesten zoal te presenteren hebben dit jaar. Mijn bijzondere aandacht ging uiteraard uit naar de groepen die wij deze week zullen zien in het kader van het Puppetbuskersfestival en, later op de week, MiramirO.
Ha, zelfs als het slecht weer is, zijn onze fotografen onvermoeibaar op pad. U kreeg gisteren al foto’s, maar deze willen we u ook zeker niet onthouden. ‘t Is een hele reeks: ga er rustig even voor zitten!
Buienradar heeft ons bedrogen! Awoert! Gisterenmiddag kregen wij van het zogenaamd onfeilbare systeem namelijk informatie door die ons alsnog naar Batastrand lokte met de peuter. Het zou droog blijven tot 17h, en ik weet niet wat de buienradar-definitie is van droog, maar als ik mijn dochter een k-way moet aandoen en ik zelf na vijf minuten een doorweekte jeansvest heb, dan vind ik dat persoonlijk niet echt prettig zomerweer.
De nieuwe tent van de Circusplaneet moet ingewijd. Het circus heeft actie gevoerd en geld ingezameld om de tent te kunnen bekostigen. Rood met gele sterren staat ze te pronken op het grasveld van de Zeescouts bij Drongen.
Een groep van 15 vrijwilligers heeft drie dagen keihard gewerkt om een voorstelling in elkaar te steken om de tent in te huldigen.
Bij het kopen van mijn kaartje wordt me verteld dat alleen paartjes binnen mogen. Gelukkig ben ik niet alleen en krijg ik zonder problemen mijn kaartje. Om duidelijk te maken dat ik en mijn vriendje bij elkaar horen krijgen we een plasticketting met gele bollen omgehangen. Ik voel me meteen helemaal feestelijk want de ketting past zo prachtig bij mijn roodgestipte sokken. Bij het wachten voordat de voorstelling begint probeert een van de artiesten zwemvliezen en kurken aan me te verkopen. Zelfs een pistool om haaien te schieten is in de aanbieding. Hij vertelt met grote stelligheid dat er een overstroming zal komen. Aangezien het terrein nog soppig is van de regen van de vorige dag lijkt dat geen denkbeeldig scenario. Lees verder…
Sta me toe om even de vondst van de presentator van dienst over te nemen in de titel. Hij had namelijk opgemerkt dat de line-up van de avond met een A begon.
Als er nu 1 ding is waar ik naar uitgekeken heb, is het wel om de beginnoten van Philharmonics, het debuut van Agnes Obel, te horen in een concerttent met bomen. De organisatie besliste er anders over, de tent kreeg een nieuwe plaats, de bomen kunnen eindelijk ongestoord groeien, maar de indruk bleef wel. De setting was uiterst simpel gehouden, twee jonge vrouwen en hun muziekinstrumenten op het podium. “Laat de muziek voor zichzelf spreken”, moeten ze gedacht hebben. Spijtig genoeg was het nog daglicht en was er nog volk dat zijn weg moest vinden in de tent. Ze kreeg het geroezemoes niet echt stil, maar maakte niettemin indruk.
Het is allemaal snel gegaan voor Agnes. Gent Jazz is haar derde optreden in België en ze is nog wat onwennig op het podium. Het publiek bezorgt haar spontaan een aanmoedigingsapplaus. Voor ze Just so inzette excuseerde ze zich voor haar verkoudheid. Ze had wat twijfels of ze de noten zou halen, maar uiteindelijk bleek het geen probleem. Het werd iets lastiger bij de hoge noten van Close watch, een cover van John Cale. Maar het spreekt in haar voordeel dat ze dit ook wel besefte en niet hardnekkig probeerde te verbergen. Meer dan eens maakte ze een opmerking over de thee om het effect van haar verkoudheid op haar stem onder controle te houden. Met het duidelijk door het publiek gekende Riverside gevolgd door On powdered ground sloot ze een mooie set af. Ze werd beloond met een gouden plaat voor 15.000 verkochte exemplaren van haar debuutalbum in België.
De Gentse Feesten beginnen vandaag en niet gisteren. Ik heb ‘t mogen merken. Op de officieuze openingsnacht op de Vlasmarkt stonden meer flikken dan burgers.
Waar ben ik mee bezig? Ik heb geen tijd voor de Feesten. Te veel werk. Serieus. Maar wie zal er anders de dwaze stoten van de zatte kloten vastleggen?
Ter voorbereiding kijk ik in de krant wanneer de zon zal opkomen. Kwart voor zes. Ik reken uit hoeveel uren ik kan slapen om toch nog op tijd op de Vlasmarkt te geraken.
Om 5u29 stipt arriveer ik. En wat stel ik vast? Dat er geen druppel drank meer te krijgen is. Ja, er is nog volk. Waarom ze precies daar blijven staan, Joost mag het weten. Het doet me denken aan de zombies uit Dawn of the Dead: die trokken instinctief naar hun vertrouwde shopping mall omdat ze niet wisten naar waar anders. Dood of dronken, de macht der gewoonte overstijgt alles.
Een hele horde flikken staat de feestvierders misprijzend aan te gapen. Er zijn hier verdorie meer gendarmen dan gewone burgers. Die weten nu tenminste wel waar ze belastingen voor betalen.
Vanuit de Charlatan komen nog mensen gedruppeld. Ik waag mijn kans en begeef me naar de ingang. Tevergeefs. “Sorry, mijnheer, ‘t is gedaan”, melden de portiers. Bon, als het zo zit, ben ik maar weer naar huis, redeneer ik met ochtendlijke nuchterheid. Lees verder…
Of we niet geïnteresseerd waren in een wandeling “achter de schermen van de Gentse Feesten”? Euh, ja, eigenlijk wel. Voor de schermen lopen we immers elk jaar al genoeg rond. Zonder echt stil te staan bij wat er allemaal bij komt kijken. Veel, zo bleek een paar uur later.
Het initiatief voor de wandeling ging uit van de Gentse afdeling van Groen!, en ze hadden er duidelijk hun werk van gemaakt. Vijf boeiende haltes later besef je wat een hels karwei het moet zijn om elk jaar opnieuw alles rond te krijgen. En dat er steeds opnieuw keuzes gemaakt moeten worden, dat de feesten zichzelf steeds opnieuw in vraag moeten durven stellen.
Halte 1: Trefpunt. Waar Guido De Leeuw het uitgebreid heeft over de ontstaansgeschiedenis van de Feesten, en de groei die ze gekend hebben. Er zijn smakelijke anecdotes over de niet altijd optimale relatie tussen het eerder alternatieve publiek en het bestuur, de politie en de buurtbewoners. En er is de nog altijd aanwezige honger naar kwaliteitsprogrammatie, naar vernieuwing. En ook wel een beetje naar groei. Wat mooi aansluit bij de tweede halte.